Blog Archives

Woordvangers – creatief schrijven met kinderen

 

Woordvangers is een naschools programma om kinderen in de basisschoolleeftijd vertrouwd te maken met creatief schrijven. Creatief schrijven is een heel andere vaardigheid dan foutloos spellen of netjes schrijven.
Woordvangers voor WordPress Linnaeusschool gr4 proeven
Kinderen vanaf groep vier leren aan de hand van zintuiglijke ervaringen te schrijven over hun eigen beleving. Een meisje uit groep vier van de Linnaeusschool uit Amsterdam Oost schreef bijvoorbeeld naar aanleiding van een smaak:

het was vies en het was
bruin en me tanden werden bruin
me tong werd bruin
en me gezicht werd rood haha
haha

Ook leren de kinderen meer hun fantasie gebruiken bij het schrijven. Dat betekent dat ze zelf dingen mogen verzinnen die niet per se echt gebeurd hoeven te zijn. Een meisje uit groep vijf koos drie woorden: Taxsi, paars en pen. Daarmee bedacht ze deze korte tekst:

ik zag een taxsi
maar geen normale
een paarse en er
was een grote pen
erop

Het gaat hier duidelijk niet om de juiste spelling of grammatica, maar juist om de vrijheid en de levende taal van het kind zelf.

Het is niet altijd eenvoudig om jonge kinderen aan het schrijven te krijgen, maar met prikkels die de nieuwsgierigheid en fantasie stimuleren én met wat aanmoediging leren de kinderen originele teksten te schrijven. Aan het einde van het programma op de As Siddieqschool in Amsterdam Noord schudde een meisje uit groep zes een heel lied uit haar mouw.

Woordvangers As Siddieq Lied Fatima

Ter afsluiting houden de kinderen een presentatie waarbij ze hun eigen teksten voorlezen en/of posters maken met bestaande en eigen teksten. Dan blijkt hoeveel zij spelenderwijs hebben opgepikt.

Woordvangers As Siddieq Ik heb geleerd

Hieronder staan nog wat foto’s die ik nam bij Woordvangers in Amsterdam-Oost en -Noord. In Oost krijgen de kinderen na afloop een diploma van de Talententent.

Wilt u ook creatief schrijvende Woordvangers op uw school? dan kunt u voor de naschoolse activiteit contact opnemen met Stichting Wijsneus (Amsterdam Noord) of Dynamo (o.a. Amsterdam-Oost). Ik wil het programma ook graag binnen schooltijd (onderschools) geven. Hierover kunt u contact opnemen met mijzelf, Mevrouw SchrijfTaal.

Woordvangers voor WordPress Linnaeusschool gr4 poster

Woordvangers voor WordPress Linnaeusschool gr4 poster2

Woordvangers voor WordPress Linnaeusschool gr4 aardige juf

Woordvangers voor WordPress Linnaeusschool gr4 diploma

Individuele coaching schrijvers en dichters

 

Individuele coaching en online feedback

Wil je dat ik je gedichten of verhalen zorgvuldig lees en van opbouwende feedback voorzie? Dan spreken we een hoeveelheid tekst af, bijvoorbeeld een verhaal of tien gedichten, waarop ik uitgebreid feedback zal geven. Individuele coaching is maatwerk. Informeer per mail naar de mogelijkheden.

Bij de Schrijven Online Academie kun je een online cursus gedichten schrijven volgen, in je eigen tempo. In de cursus worden poëtische middelen behandeld, zoals regelafbreking, beeldspraak, ritme, herhaling, rijm en klankgebruik. Na vier lessen is je dichtgereedschap flink uitgebreid.

Thuisopdrachten

Aan het einde van elke les staat een thuisopdracht. Op je uitgewerkte opdrachten geef ik persoonlijke feedback. Daarbij benoem ik sterke kanten en verbeterpunten. Aan het einde van de cursus ontvang je een rapport over je vorderingen.

Elders op deze site vind je een gedicht van een van mijn cursisten.

Incasseren kun je leren – over feedback ontvangen

‘Eerlijk gezegd heb ik het moeten leren, omgaan met kritiek,’ bekende ik aan een andere schrijfster. ‘Hoe heb je dat gedaan dan,’ vroeg ze. Mijn antwoord zou ook nuttig kunnen zijn voor andere schrijvers.
“Het is vooral een kwestie van dosering, managen en doorzetten. Ik voel een powerpointpresentatie met bullets aankomen.

Dosering: in een groep (als lid van de groep) trek ik het meestal niet. Na een aantal rot-ervaringen heb ik besloten mezelf te beschermen en me niet meer bloot te stellen aan een salvo van meningen en ongezouten kritiek. Het komt veel te veel binnen en ik kan me er niet goed tegen wapenen. Verder probeer ik mijn critici zorgvuldig uit te kiezen. Het liefst mensen die ik vertrouw, die naar mijn idee iets te melden hebben en zorgvuldig zijn. Dat wil dus niet zeggen dat ik geen (negatieve) kritiek kan verdragen. Het gaat om de mate waarin en misschien nog wel belangrijker: de toon! C’est le ton qui fait la musique, n’est-ce pas?

Managen: het is sowieso een kwestie van dosering. Hoeveel kan je verstouwen? Neem afstand, trek je terug als het even genoeg is. Let op signalen zoals hoofdpijn of irritatie. Kies je critici zorgvuldig, stel je werk niet bloot aan mensen van wie je al weet dat zij de botte bijl altijd hebben klaarliggen. Verder helpt het heel erg om om gerichte feedback te vragen, zoals: wat vind je van dit of dat personage, of van het perspectief? In veel gevallen voorkom je dan een hagel van ongeleide projectielen!

Doorzetten: het is hetzelfde als bij het hele schrijfproces: oefening baart kunst. Door veel kritiek te incasseren – liefst genuanceerd natuurlijk – ben ik er uiteindelijk beter tegen bestand geraakt. Echt een dikke huid zal ik nooit krijgen, maar ik heb geleerd om veel kritiek naast me neer te leggen, omdat die geen hout snijdt of omdat ik er niet om gevraagd heb. Ongevraagde adviezen zijn vaak ondoordacht (denk gerust: dom!) Ik loop niet naast mijn schoenen, maar door veel ervaring is mijn zelfvertrouwen gegroeid. Schrijven is een doe-woord! Stoppen met schrijven is de enige manier om te falen.*

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

*Ik lees graag de tweets van Jon Winokur, @AdviceToWriters, voor intelligente adviezen en reflecties over schrijven. Meestal zijn het citaten van bekende schrijvers en vaak glimlach ik van herkenning als ik ze lees.”

Procrastineren, moet je dat afleren?

 

Procrastineren, moet je dat afleren?
Van de lat, de stok en de boog

Vanuit het schrijfhuis, Wamel, maandag 3 augustus 2015, aangepast te Amsterdam op maandag 22 augustus 2016

Streng regime

Er was een tijd dat ik dacht dat een échte schrijver dagelijks minstens acht uur achter zijn bureau zat te werken. Een echte schrijver begon al voor dag en dauw of ging tot diep in de nacht door. Ik was nog niet bekend met het verschijnsel procrastinatie of uitstelgedrag. Zolang ik mezelf geen streng regime oplegde, mocht ik me geen schrijver noemen.

Op die manier lag de lat voor mij onbereikbaar hoog. In de eerste plaats ben ik zonder dringende verplichtingen zelden voor tienen wakker, in de tweede plaats schraap ik een bescheiden inkomen bij elkaar met ander werk en in de derde plaats lukt het me zelden om meer dan twee uur op een dag te schrijven, ook op die zeldzame dagen dat ik geen verplichtingen heb. Volgens mijn eigen criterium zou ik mezelf hooguit parttime schrijver mogen noemen.

Stokken en ellebogen

Hoe pakken fulltime schrijvers dat aan, hoe delen ze hun tijd in, hoe verwerven ze hun inkomen? Ze zijn toch niet allemaal gepensioneerd of in het bezit van een werkende partner? Er zijn er maar een paar die van de opbrengst van hun boeken kunnen leven.

De stok achter de deur is een manier om meer tot schrijven te komen. Ik houd van schrijfopdrachten, en nog meer van schrijven in opdracht. Schrijven in opdracht gaat altijd vlotter omdat er iemand op de tekst zit te wachten en omdat er na afloop een – bescheiden – beloning wacht.

Maar voor romanschrijvers en dichters is er geen stok achter de deur. Het literaire veld is er een vol ellebogen en vol stokken om je eruit te slaan. Ik aarzel steeds om me op dat terrein te begeven. Als ik af en toe om het hoekje kijk, zie ik vooral ontmoediging en afgunst, geen aanmoediging.

Vervelende klussen hebben meer aanhiktijd

Als ik de lat en de stok even laat voor wat ze zijn, is daar altijd nog de boog om over te tobben. Hoe lang kan die gespannen staan en wat is dan het rendement? Hoe heerlijk het ook is om in geschrijf te verdwijnen en met een stuk tekst voor de dag te komen, schrijven kost energie. De hersens hebben brandstof nodig om te kunnen werken. Dit heb ik heel lang onderschat.

Mijn misvatting was dat je van leuke dingen doen altijd energie krijgt. Dat je daarna altijd verfrist met nieuwe impulsen aan de slag gaat. Dat is maar gedeeltelijk waar. Het lichaam én het denkhoofd hebben echt regelmatig rust nodig om te kunnen blijven werken, hoe leuk en bevredigend het werk ook is. Het verschil zit erin dat vervelende klussen meer aanhiktijd hebben en vermoeiender zijn.

Uitrusten en jezelf belonen

Om in balans te blijven moet je na elke bevredigende activiteit ook rusten. Tevredenheid oogsten, jezelf belonen met een kop koffie, of een dom spelletje doen om je hoofd leeg te maken. Ik kan je ook aanraden om zijpaden te bewandelen, zoals toegeven aan de zin om een gedicht te schrijven of een stukje over uitstelgedrag. Voer vooral gesprekken met vrienden en wissel van gedachten met andere schrijvers.

Het is allemaal research

Lezen, films en series kijken: het is allemaal input, ik noem het research. Ik luister gesprekken af, ik wandel en fotografeer om indrukken te verzamelen voor de databank in mijn hersenen. Die zit vol informatie, dialogen, beelden en stemmingen om uit te putten voor een boek of verhaal. Het grootste gedeelte blijft ongebruikt, net zoals het grootste deel van ruwe teksten ongebruikt blijft. Het rendement aan publicabele tekst is dus laag. Toch zijn al die inspanningen en al dat materiaal belangrijk voor de databank in je hoofd, de compost waaruit teksten groeien. Een vriend van me zei het simpel: ‘Je kunt wel de hele dag met schrijven bezig zijn, maar niet de hele dag zitten schrijven.’

Lekker tijd verklooien

Zo zit dat. Vanaf nu voel ik me minder schuldig als ik in plaats van te schrijven een stom spelletje zit te doen terwijl er allerlei diepzinnige gedachten door mijn hoofd gaan. Mijn hoofd verwerkt en broedt, terwijl mijn ogen en handen iets anders doen. Ze hebben het nodig. Lekker blijven teuten en tijd verklooien hoort allemaal bij het schrijfproces. Procrastineer je suf, hik aan tegen schrijven, tot je wel weer moet schrijven. Op dat moment is de batterij is opgeladen en kan weer energie afgeven om te schrijven.

 

De facebookpagina van Mevrouw SchrijfTaal


Mevrouw SchrijfTaal heeft sinds kort een facebookpagina waarop ze informatie post over schrijfcursussen, workshops en andere schrijfactiviteiten. Het is fijn als je deze pagina en berichten het duimpje geeft. Dat kan als je op deze link klikt.

Ik neem hier een korte tekst over die ik daar plaatste na een bezoek aan mijn ouders.

Mijn vader is voor het grootste deel van de tijd in zijn eigen hoofd verdwenen. Hij fleurt alleen even op als ik hem wat foto’s laat zien van de kamelentocht die ik afgelopen kerst gemaakt heb. En als ik hem een knuffel geef. Verder valt er niets meer te zeggen. Mijn moeder zegt dezelfde dingen die ze al vele malen door de telefoon heeft gezegd. Ik bedwing de neiging om in mijn smartphone te vluchten en maak foto’s. Er moet iets zijn waar ik blij van word. De glimmende roestvrij stalen theepot, de lieve oude poes.

‘Ze worden gemiddeld elf tot dertien jaar, deze katten. Het is een Britse korthaar. Ze is al zestien, dus … Ik hoop elke dag dat ze vredig inslaapt, maar ik kan haar nog niet missen. Het is mijn kind.’
‘Ik ben je kind.’
‘Wat zal ik haar missen als ze er niet meer is. Het is mijn kind.’
‘Dat zal verdrietig zijn, ja,’ antwoord ik voor de honderdste keer.

Ik ga naar huis met in mijn tas drie onderlakens, een pepermolen, twee mandarijnen, een banaan en geld voor de trein. Voor de duizendste maal prent ik mezelf in dat liefde bij ons thuis altijd in materiële zaken wordt uitgedrukt.


Verkeerd begrepen – over schrijfopdrachten


Ze schrijft razendsnel, de tafel schudt mee tijdens de les. Bij het inleveren van het huiswerk verontschuldigt ze zich omdat ze teveel geschreven heeft, en omdat ze denkt dat ze de opdracht verkeerd heeft begrepen. ‘We zullen zien,’ zeg ik en: ‘je kunt altijd nog schrappen.’ Een andere cursist komt met een stukje van drie regels en zegt erbij dat het nog niet af is. Een derde heeft de opdracht echt verkeerd begrepen en zegt: ‘Zo had je het ècht gezegd, hoor!’

Natuurlijk moet je als schrijfdocent heel duidelijk zijn in je opdrachten, dat hoort bij het vak. Zelf ben ik iemand die na een halve instructie aan de slag gaat en zich weinig aantrekt van de details van de opdracht. Dat is mijn leerstijl – ik ben een echte doener – wat tot gevolg heeft dat ik vaak moet herschrijven en veel moet schrappen. Als beginnend docent moest ik er even aan wennen dat niet iedereen dezelfde leerstijl heeft. Er zijn cursisten die heel precieze instructies nodig hebben om te kunnen beginnen, echte denkers en afwegers. Daar werd ik eerst ongeduldig van, ik ervoer het als weerstand. ‘Hup aan de slag!’ dacht ik en zei ik, zeg ik nog weleens. Door ervaring en scholing heb ik die verschillende stijlen leren kennen. Ik houd er rekening mee door opdrachten op verschillende manieren aan te bieden en bouw vaker tussenstappen in bij oefeningen. Als iemand een opdracht niet goed heeft begrepen, verontschuldig ik me. ‘Ik ben misschien niet helemaal duidelijk geweest.’

Ik ben er ook achter gekomen dat er altijd verschillen in interpretatie zijn, hoe duidelijk ik ook ben met de instructies. De een komt na de opdracht om een scène met dialoog te schrijven met een toneeltekst aan, de ander met een verhaal van drie kantjes. Is dat erg? Nee! Dat maakt het vak van schrijfdocent juist zo leuk. Zoveel cursisten, zoveel opvattingen van een opdracht. Zoveel verschillenden teksten om van te genieten. Zender en ontvanger doen allebei de helft van het werk! Dat geldt voor schrijvers en lezers, maar ook voor docenten en cursisten.


Wij van jaargang 1965 – een herinneringsboek


doos boeken

 

De bewijzen van mijn schrijverschap stapelen zich op. Vandaag ontving ik de doos met exemplaren van het herinneringsboek, dat ik schreef in opdracht van uitgeverij Wartberg. Lees ook de post over schrijven in opdracht.

Het is een feestje om zo’n doos open te scheuren, na een periode van hard werken en daarna een periode van wachten terwijl anderen hard werken aan de vormgeving en andere productiefasen. Het resultaat is prachtig: een stevig en glanzend boekwerk met harde kaft en heel veel afbeeldingen. Ik wil hier nog een keer iedereen bedanken die mij geholpen heeft bij het vinden van passende foto’s. En verder moet je het boek natuurlijk gaan kopen of bestellen, bijvoorbeeld hier. Ik maakte alvast een paar kiekjes van het binnenwerk.

 

0 tot 2 jaar

kattenkwaad

strakke spijkerbroeken

 

Interviews en portretfoto’s in jubileumboek

 

scan boekje agora


Het aantal schrijfopdrachten groeit. Kortgeleden hielp ik Yoeke Nagel bij het schrijven van een jubileumboek voor Agora, de landelijke vereniging voor coördinatoren van vrijwilligerswerk. Voor dit boek interviewde ik een aantal coördinatoren en een ambassadeur van vrijwilligerswerk. Ook maakte ik de foto’s bij de interviews.



portretfoto en gedeelte van een interview



Zoek je iemand die goed kan interviewen en gelijk portretfoto’s kan maken? Ik doe het graag! Neem contact op met wilma@schrijftaal.org


Nee zeggen – een gedicht


Nee zeggen

Tja, ik zou je graag helpen
Maar eigenlijk heb ik geen tijd
Ik moet nog boodschappen doen
Mag ik er even over nadenken
Heb je nog iemand anders
op het oog?

Een andere keer misschien
Ik ben bezig met de boekhouding
Het bed moet nog opgemaakt
De tuin winterklaar

Liever niet
Het is niet mijn sterkste kant
Niet mijn grootste hobby
Niet mijn specialisme, nee

Eh … nee?
Nee dank je
Nee hoor
Nee zeg, kom
Nee, zeg
Nee

Nee, nee en nog eens nee!
Heb je me niet verstaan?
Ik zei toch nee!


Met dank aan Frans Terken, een aardige man die bot nee kan zeggen


Naar zee – gedicht


strandkinderen 1


Naar zee

Op een winderig perron naar zee
verlangen, wedden dat die anders is
weg van het scherm, laat de kou
langs je vel vliegen, voeten afrollen
landen op steen en zand, wedden?

Aan de Geversweg staat
een kaartjesautomaat
voor onze kostbare natuur
denken dat je een specht hoort
klopt niet, is een helikopter
die pokpokpok zegt

Verdwuinen in de dalen door leugenachtige paddestoelen
die zwart op wit kilometers liegen dat hun hoed barst
maar ik zal verdomme dat zand tussen mijn tenen voelen

Aan zee is het verschrikkelijk
mooi. Zilver op de golven, wolken
mensen en schelpen verspreid
een enkele bakker, een baby speelt
met een vogelveer, wolken groeien
iedereen trekt iets aan en gaat terug

(wat ik hier heb weggelaten omdat het niet geschikt is om in een gedicht te vermelden en niemand dat wil lezen, wie leest er trouwens gedichten maar dat terzijde, zijn de roodgloeidend geschuurde binnendijen die een vrouw van gewicht krijgt als ze lang gaat lopen, zeker als ze zo dom is om in een rokje te verdwalen. De enige oplossing in mijn tas was labello, dat hielp even. Verder had ik goed voor mezelf gezorgd hoor, een flesje water, boterhammen en een banaan meegenomen)